Financiële markten
Op de financiële markten stond in juni vooral de doorbraak in het conflict tussen de Verenigde Staten en Iran centraal. Al maandenlang wisselden berichten over een naderend akkoord elkaar af, en deze maand werd duidelijke vooruitgang geboekt. Onderhandelaars bereikten eerst een conceptakkoord over een verlenging van het bestand met zestig dagen, gevolgd door een voorlopig akkoord om de vijandelijkheden te beëindigen en de Straat van Hormuz weer te openen. Daarmee verdween een belangrijk
geopolitiek risico naar de achtergrond en daalde de olieprijs verder. Een vat Brentolie, dat eind april nog piekte op circa $126, noteerde op 30 juni rond $73. Door de dalende olieprijs nam ook de opwaartse druk op de rente af: de Duitse tienjaarsrente daalde vanaf de piek half mei van 3,2% naar 2,86% eind juni. Helemaal verdwenen is het risico echter niet: Iran kondigde aan Hormuz opnieuw te sluiten na Israëlische aanvallen op Hezbollah, terwijl een definitieve regeling uitblijft en de standpunten ver uit elkaar liggen.
De rentebesluiten waren grotendeels in lijn met de verwachtingen en al ingeprijsd. Oplopende inflatie was voor de ECB aanleiding om de beleidsrente op 11 juni te verhogen met 0,25% naar 2,25%, de eerste verhoging in bijna drie jaar. ECB-president Lagarde wees op de langer aanhoudende energieschok en de breder verspreidende inflatie; verdere verhogingen later dit jaar zijn waarschijnlijk. De Federal Reserve hield de rente onveranderd in de bandbreedte van 3,5% tot 3,75%, maar gaf onder de nieuwe voorzitter Kevin Warsh een uitgesproken hawkish2 signaal af, waarbij meerdere beleidsmakers nog renteverhogingen voorzien. De robuuste Amerikaanse arbeidsmarkt, met 172.000 nieuwe banen in mei en ruim boven verwachting, onderstreepte dat er weinig ruimte is om te verlagen. Mede daardoor won de dollar terrein: de euro daalde ten opzichte van de dollar van 1,17 eind mei naar 1,14 eind juni. Ook de Bank of Japan verhoogde de rente, naar 1%, het hoogste niveau in decennia.
Op de aandelenmarkten bleef kunstmatige intelligentie het bepalende thema. Aandelen die profiteren van de enorme investeringen in datacentra, zoals die van semiconductor gerelateerde bedrijven, hebben een sterke groei in de bedrijfsresultaten doorgemaakt en hebben veelal een ook zeer sterke koersontwikkeling laten zien. Door de gigantische investeringsplannen in AI-infrastructuur blijven de groeivooruitzichten sterk en dit weerspiegelt zich in historisch hoge waarderingen. De lat ligt nu zeer hoog en het risico op teleurstelling is daarmee ook groter geworden. Het is daarom ook niet verwonderlijk dat beleggers kritischer worden en er ook meer oog komt voor de risico’s van een AI-bubbel. De beursgang van SpaceX trok deze maand veel aandacht en werd gezien als een testcase voor de bereidheid van de markt om de omvangrijke investeringen in nieuwe technologieën te blijven financieren, ondanks de hoge waarderingen en onzekere groeivooruitzichten. De notering verliep voorspoedig en het aandeel noteert vooralsnog boven de introductiekoers, al is het te vroeg om te concluderen dat die financieringsbereidheid ook op langere termijn standhoudt. Ook Anthropic, het bedrijf achter Claude, en OpenAI, bekend van ChatGPT, bereiden inmiddels een beursgang voor.
Per saldo liep het performancebeeld op de aandelenmarkt over de maand uiteen. Europese aandelen sloten hoger, met een winst van 2,51% voor de Stoxx 600 en 4,37% voor de AEX; voor beide was het de derde positieve maand op rij. De Amerikaanse S&P 500 daalde daarentegen met 1,06% en liep daarmee terug van de recordstand van eind mei. Voor de komende periode overheerst voorzichtig optimisme: de geopolitieke ontspanning gaf lucht, maar blijft kwetsbaar, de inflatie loopt nog op en de hoge verwachtingen rond AI vragen om toenemende behoedzaamheid.
Wij danken u voor uw vertrouwen en houden u graag op de hoogte van verdere ontwikkelingen in de markten.
2 Hawkish: een centrale bank die prioriteit geeft aan het bestrijden van inflatie en eerder geneigd is de rente te verhogen